MIJN GEBOORTEPLAATS
Ik kom niet zo vaak meer in het dorp waar ik geboren ben en mijn jeugd doorgebracht heb, maar als ik er eens naar toe ga om op het kerkhof het graf van mijn ouders te bezoeken, of een visite breng aan familie of vrienden en het dorp in rij krijg ik, hoe vreemd het ook mag klinken, een afkerig gevoel van binnen.Ik voel me er niet meer thuis. Ik geloof dat het komt omdat het dorp in enkele jaren tijd een totale gedaanteverwisseling heeft ondergaan. Het dorp van vroeger is niet meer te herkennen. Het ouderlijk huis staat er gelukkig nog wel, maar is gerenoveerd. Als ik voor dit huis blijf staan en er naar kijk dan gaan mijn gedachten weer terug naar eertijds.
Daar boven was een zolder waar we speelden en ons huiswerk maakten. Door het raam had je een prachtig uitzicht op twee afgelegen boerderijen met de velden en de landweggetjes waar de boeren dagelijks met paard en wagen over heen reden en de uitgestrekte weilanden waarin veel koeien en schapen liepen te grazen en waar we ’s zomers madeliefjes en boterbloemen plukten en naar klavertje vier zochten.Al die oude boerderijen zijn nu afgebroken en er zijn bungalows voor in de plaats gekomen. De akkers en de weilanden zijn ook veranderd in een huizenmassa.
Ons eigen huis was vroeger omringd door vruchtbomen en achter het huis was een grote tuin waar alle soorten groenten werden verbouwd. We hoefden dus nooit naar de groenteboer. In de zomer had je aardbeien en bessen , maar in de winter moest je ook bij strenge kou spruitjes plukken wat ik geen pretje vond. Een eindje verderop lagen de akkers waar aardappelen en granen werden verbouwd en waar je vader mee moest helpen bij het schoffelen van onkruid tussen de aardappelen en oogsten van het graan. De hokken voor varkens, schapen en kippen zijn helaas ook verdwenen.
De straat waaraan we woonden, nu een brede asfaltstraat bestond vroeger uit klinkers en er stonden maar een paar huizen. De oude meubel en klompenmakerij staat er nog wel, maar is buiten bedrijf. En dan het centrum. Vanzelfsprekend ook niet meer wat het vroeger was. Het schilderachtige cafeetje is verbouwd tot een grote concertzaal. Het kleine gezellige, ouderwetse winkeltje waar je altijd geholpen werd door Mina een oud vrouwtje en snoepjes kreeg uit grote glazen potten als je booschappen kwam halen, is ook afgebroken.
Er staat nu een moderne supermarkt. Helaas is de zaak van de warme bakker ook vertimmerd. De bakkerij die naast de winkel stond, staat er nog wel, maar wordt nu als garage door de huidige bewoners gebruikt. De smederij, het slaan van de hamer op het aambeeld klinkt nog duidelijk in mijn oren. Hoe vaak was je daar als kind niet om te kijken hoe de hoeven van paarden werden beslagen. De kerk en de school staan er nog, maar ook hier zijn veranderingen aangebracht.Vooral aan het interieur is dat te zien.
Het romantische huisje met de boomgaard waar Anna woonde en waar we appels gapten als we op weg waren naar school is vervangen.Het is duidelijk de tijd heeft ook hier niet stil gestaan. Ik haal opgelucht adem als ik het dorp verlaat en kom tot de overtuiging dat ik er niet meer zou willen wonen. Echter de herinnering aan en de nostalgie naar het dorp van vroeger blijf ik bewaren, want het waren hele mooie en gelukkige kinderjaren.



Nu op radio Emmen






Weekschijf


