Lente!
Het is nu eindelijk een vaststaand feit! De lente is echt aangekomen. Of liever gezegd, de zomerse temperaturen zijn gekomen. Toen ik Alex zaterdag opzocht, was hij met duidelijk enthousiasme in zijn schuurtje bezig. Van verre hoorde ik hem al fluitend rommelen in zijn schuurtje. De deur stond wijd open en toen ik mijn hoofd om de deur stak, zag ik twee benen boven op een trap.
Toen ik riep ging er een siddering door de benen, het gefluit stopte abrupt en er klonk een luide bons. “gloeiende, gloeiende, gloeiende”, klonk het vanuit de hoogte en de benen begonnen stapje voor stapje de trap af te dalen. Boven de benen werd de romp van Alex zichtbaar en even later ook het hoofd dat hij kreunend betastte. “Kun je niet eerst even waarschuwen voor je begint te roepen”, mopperde hij. “Doe ik ook”, antwoordde ik vriendelijk, “dit was de waarschuwing pas, het roepen komt nog”. Wrijvend over zijn hoofd keek hij me aan.
Toen brak er een grijns door op zijn gezicht en verklaarde hij dat de dakbint van het schuurtje in ieder geval nog ik goede conditie verkeerde. Nadenkend vroeg ik hem of hij niet een betere manier wist te verzinnen om de hardheid van een balk te controleren. Hij schudde het hoofd. “Laat maar, maar nu je hier toch bent, kun je me mooi even helpen de tuinstoelen voor de dag te halen. Ik zal op zolder klimmen en ze pakken en dan kan jij ze mooi even aanpakken”. Ik knikte bevestigend, want het was tenslotte een mooie dag voor een goede daad. Hij grijnsde weer naar me en klauterde de trap weer op naar hogere sferen. Er klonk weer een luid gerommel en even later kwam er een tuinstoel langzaam naar beneden zakken. Ik pakte hem aan en van boven klonk het: “dat is één” en toen de tweede naar beneden zakte: “dat is twee”, tot alle stoelen beneden waren. Bij de tuinstoelen bleek ook nog een tuintafel en een parasol te horen. En omdat ik toch al met een goede daad bezig was, besloot ik dat een tuintafel en een parasol ook nog wel aangepakt konden worden. Toen het hele meubilair buiten verzameld was, kwam Alex steunend de ladder af.
“Hè hè, tijd voor een bak koffie”. Hij liep naar de achterdeur, maar voor hij die open kon doen, ging deze al open en werd hem een emmer met fris dampend water in de handen gedrukt door zijn Truus met de woorden: “eerst de stoelen schoonmaken en dan pas koffie”. Alex keek beteuterd naar de emmer en ik schaterde het uit. Maar goed, een half uurtje later konden we in de gekuiste tuinstoelen plaatsnemen en kwam Truus met de koffie en zeg nou zelf, nergens smaakt koffie zo lekker als je voor de eerste keer in het nieuwe jaar lekker buiten in het zonnetje zit.
Alex zuchtte tevreden en lachte: “hè hè, het is even wat werk, maar dan heb je ook wat. Straks nog even de parasolvoet tevoorschijn halen en laat dan de zomer maar komen”. Ik was het roerend met hem eens. Als je zo heerlijk buiten kon zitten, vallen automatisch alle beslommeringen van het wereldgebeuren van je af. Vergeten waren even de bedreigingen in de boze wereld. Afghanistan, Libië, Japan, Jemen, Syrië, zelfs Alphen a/d Rijn waren even heel ver weg. Verwonderlijk, hoe een uurtje bezig zijn en dan heerlijk in de zon zitten met een kop koffie, een mens zo'n tevreden gevoel kon geven.



Nu op radio Emmen






Weekschijf


