HET GROENE BOEK
’Goedemorgen,’u spreekt met Willem Boter. Ik zou graag met mijn vrouw een cursus engels willen volgen voor onze algemene ontwikkeling, maar ook omdat mijn zoon in Nieuw Zeeland woont, die willen we eens gaan bezoeken. U geeft toch les in de engelse taal? Dat klopt,’zei ik. ‘Ik moet wel even zien op welke dag en tijdstip het kan.’Ik nam mijn agenda waarin alle lessen van het instituut genoteerd stonden. ‘Woensdagmiddag?’ vroeg ik.
‘Ja, dat is prima. Eigenlijk past ons elk tijdstip wel, ik zit in de VUT. Kunnen we volgende week beginnen? Ja, dat is goed’, zei ik. Die middag om twee uur verschenen Willem en zijn vrouw bij mijn instituut. Ze leken me heel aardige lui en de bevestiging daarvan kreeg ik een tijdje later. Ze dronken thee met me in de pauze van de les en ik werd uitgenodigd om eens bij hen langs te komen wat ik dus ook deed. Willem had een prachtig huis bij mij in de buurt.
Ik kreeg een rondleiding door het huis hij was er erg trots op. De cursus verliep voorspoedig, ze waren zeer enthousiast bezig. Totdat Willem op een middag vertelde dat hij een beetje ziek was hij moest voor onderzoek naar het ziekenhuis hij had last van zijn maag. En bij nader onderzoek bleek dat de dikke darm te zijn .Willem moest geopereerd worden. Hij en zijn vrouw kwamen dus voorlopig niet op les.
Maar na een maand waren ze weer present. De operatie was geslaagd, hij voelde zich weer prima. Ík kan er weer tegen,’zei hij. Willem vroeg echter altijd naar het groene boek. Het was namelijk zo, de eerste cursus was een blauw boek en de vervolgcursus een groen boek. Voor de zomervakantie hadden ze het blauwe boek uit en in oktober zouden ze met het groene boek beginnen.
Maar in oktober geen Willem en echtgenote ze belden af. Hij lag weer in het ziekenhuis.Het ging niet goed met hem volgens zijn vrouw. De doktoren hadden kanker geconstateerd. Willem mocht na enkele dagen het ziekenhuis verlaten, maar hij moest wel een chemokuur ondergaan.Toen ik Willem een tijd later tegenkwam bij de huisarts schrok ik heel erg. Hij was erg vermagerd hij zag er slecht uit. ‘Hoe gaat het,’ vroeg ik.
‘Man ik heb veel pijn de kuur slaat niet goed aan, maar ik hou goede moed, kom nog eens een keer bij ons langs. Dat doe ik,’antwoordde ik. Een paar weken later bezocht ik Willem thuis. Het ging nu wat beter en hij sprak weer over het groene boek. ‘Zodra ik beter ben komen we weer op les. Nou dat zou ik heel leuk vinden,’zei ik. Maar tot mijn grote verbazing las ik een poos later een advertentie in de krant dat Willem overleden was. Meteen dacht ik aan het groene boek. Willem zou daar nooit meer aan beginnen.



Nu op radio Emmen





Weekschijf


