Dilemma
“Ik heb een groot probleem”. Alex zuchtte en keek me wanhopig aan. We zaten bij Alex op de koffie op de zondagmiddag. Eigenlijk hadden we naar het centrum willen gaan om mee te zingen met de Shantykoren, maar buiten viel de regen met bakken uit de hemel. Heel voorzichtig had ik voorgesteld of we niet beter thuis konden blijven. Heel voorzichtig, want bij Alex weet je nooit van te voren hoe hij zou reageren. Nu keek hij me een tijdje peinzend aan en vroeg toen belangstellend: “ben je bang dat je niet krimpvrij bent”? Ik had wat gelachen en had geantwoord, dat ik vroeg of laat wel een beetje zou gaan krimpen, maar dat ik daar niet zo bang voor was. Alleen stond het vooruitzicht van drijfnat te worden me niet zo aan. Alex knikte begrijpend. “Vanochtend dus ook niet gedoucht”, stelde hij vast. Ik wist niet wat te zeggen, maar Alex had alleen maar gelachen en bekende toen dat hij zelf ook al had willen voorstellen om maar thuis te blijven.
En zo waren we dus thuis gebleven, koffie gezet en gelukkig was er ook nog wat lekkers voor bij de koffie. Het werd echt gezellig, maar op zeker moment was Alex, die steeds stiller was geworden, met zijn opmerking gekomen. “Ik heb werkelijk een groot probleem”. Hij had wanhopig gekeken, maar iets in zijn houding vertelde mij dat het wel mee zou vallen. “Oké”, zei ik dus joviaal: “gooi het op tafel. Wellicht kunnen we het probleem nog wat groter voor je maken”. “Ja”, zei Alex: “mooie vriend ben jij. Maar goed, 's zondagsavonds gaan we altijd even bij m'n kleindochtertje langs en dan moet ik haar bij het naar bed gaan een verhaaltje vertellen. Twee weken geleden heb ik haar een verhaaltje vertelt over Nederland, verpakt in een kabouterverhaaltje. Vorige week vroeg ze hoe het verder ging en nu ben ik bang dat ze vanavond weer vraagt hoe het verder gaat, maar ik zou niet weten waar ik het nu over zou moeten hebben”. Hij zuchtte. “Je kan wel eens ergens aan beginnen, maar voor je het weet, groeit het boven je hoofd”. We knikten meevoelend en de volgende ogenblikken verliepen in stilte, terwijl we nadachten over de mogelijkheden om Alex' verhaal te vervolgen. Na een poosje verbrak ik de stilte en zei: “er is toch de afgelopen week toch nog wel het één en ander gebeurd? De kabouter met de geblondeerde haartjes is naar Amerika geweest bijvoorbeeld”. Alex haalde de schouders op. “Een mediastorm in een glas water”, vond hij. “Als over iedere Nederlander die in het buitenland een speech af moet steken, zoveel in de krant zou staan, zou morgen een krant van tien kilo bij de voordeur liggen. Niet op de mat onder de brievenbus, want daar zou die met geen mogelijkheid door heen kunnen”.
Dat was een punt. We dachten weer diep na. “kabinetsformatie”, stelde mijn vrouw voor. Alex schudde het hoofd. “Die lukt wel, want als die zou mislukken, dan zou de partij van de kabouter met de geblondeerde haartjes de grootste partij van het land worden. Daar durft niet één politicus zijn vingers aan te branden”. Al weer een punt. Wat was er nog meer? De verhoging van de verkeersboetes om de begroting rond te krijgen? De dreigende aanslag op de pensioenen of de weigering van de politie in Groningen om een wietplantage te ontmantelen? Alex zuchtte. “Ik denk dat ik het maar onschuldig houd, Roodkapje of zoiets”!



Nu op radio Emmen






Weekschijf


