DIKKE VRIENDEN
Jarenlang waren Ukkie en ik dikke vrienden. Ukkie was evenwel niet zijn echte naam maar omdat de jongen nogal klein was uitgevallen en de jongste van de acht kinderen was, had zijn moeder hem Ukkie genoemd. Zij vond het gewoon een leuke naam en wij noemden hem ook allemaal Ukkie, zijn echte naam was Johan. Vanaf de eerste dag op de Lagere School waren wij al bij elkaar. Het klikte tussen ons beiden. We deden alles samen, hadden veel plezier, we waren onafscheidelijk. De vriendschap duurde voort tot na onze Middelbare schoolopleiding, want daarna werd ze minder hecht. We zagen elkaar niet zoveel meer.
Ik kreeg namelijk een baantje op kantoor en Ukkie ging naar de toen geheten kweekschool om onderwijzer te worden. In die tijd stond er nog geen school in onze woonplaats of in de buurt om deze opleiding te volgen. Je moest dan van huis. En in dit geval was het Hilversum. Ik had ook wel onderwijzer willen worden maar daar wij het thuis niet al te breed hadden vonden mijn ouders en ikzelf het beter om een baantje te nemen om op die manier een bijdrage te leveren aan ons levensonderhoud en ik kon dan ’s avonds wel verder leren. Voor Ukkie was dit geen bezwaar hij was een zoon van een nogal rijke boer.
De eerste jaren dat hij op de kweekschool zat hadden we nog wel contact met elkaar. Ik ontving veel brieven van Ukkie want hij had heimwee. Maar dat werd gaandeweg minder. In de vakanties dan zagen we elkaar wel. We schopten dan veel lol, dronken een biertje en gingen natuurlijk achter de meiden aan. Nu had Ukkie een meisje op het oog. Hij was vreselijk gek op haar. Maar dat meisje wilde niets van hem weten. En dat zat Ukkie helemaal niet lekker.Hij bleef maar achter dat meisje aangaan maar het lukte niet, geen schijn van kans.
Na enkele jaren behaalde Ukkie zijn onderwijzersdiploma en nog wel met lof, hoewel hij nooit zo had uitgeblonken in het studeren en hij kreeg ook meteen een betrekking. We hebben er een groot feest van gemaakt, dat wel. Maar wat gebeurde er daarna? Juist, Ukkie kreeg verkering met het meisje dat eerder niets van hem wou weten. En na een paar jaar waren ze getrouwd. Was het echte liefde, of was de reden ook een beetje dat Ukkie onderwijzer was geworden? Naar mijn mening heeft het laatste een behoorlijke rol gespeeld. In die tijd werd er nogal hoog tegen het beroep van onderwijzer aangekeken. Meester zijn, nou dat was wat.
In ieder geval was Ukkie dolgelukkig maar onze vriendschap was voorgoed voorbij. Ik hoorde niets meer van hem. Ik had zelfs geen uitnodiging voor de bruiloft ontvangen. Totdat ik op een keer in het winkelcentrum van onze woonplaats Ukkie tegen het lijf liep. Ik was blij hem weer te zien en zei, ’ hallo Ukkie, hoe gaat het met je’. Hij bleef staan maar hij zei niets. Hij glimlachte slechts en keek nogal nederig op me neer. Daarna liep hij verder. Van verbazing bleef ik stokstijf staan. Ik vroeg me af of dit wel de echte Ukkie was? Ik moest concluderen dat dit inderdaad het geval was. Maar waren wij dan vroeger niet zulke dikke vrienden geweest?
Ik kon het niet geloven. Wat kan een mens toch veranderen, dacht ik. Ik zocht naar een oorzaak, kwam het dat hij een boerenzoon was, onderwijzer was geworden en het meisje had getrouwd dat hij zo begeerde? Was ik doodeenvoudig te min voor hem, of was de vriendschap veranderd in haat? Of was het jaloezie? Ik had namelijk mijn opleiding tot leraar door avondstudie ook voltooid. Ik moest het antwoord schuldig blijven. Toch denk ik nog vaak terug aan de mooie tijden die ik met Ukkie heb doorgebracht. Ach, ik denk dat Ukkie dat ook wel zal doen.



Nu op radio Emmen






Weekschijf


